Artikel

De succesvolle verzuimaanpak van het Rijswijks Lyceum / Van Vredenburch College

Het Rijswijks Lyceum / Van Vredenburch College heeft als pilotschool in het schooljaar 2020-2021 het Routeboek Verzuim en Thuiszitters VO in praktijk gebracht.

Verzuim
Projectleider
Mariska Overgaag

Astrid Verbeek, teamleider passend onderwijs en Bas van Vugt, verzuimcoördinator op het Rijswijks Lyceum/ Van Vredenburch College over hun lessen uit de pilot Routeboek Verzuim en Thuiszitters VO en hun plannen voor het vervolg.

 

Wat was de startsituatie?

‘We hadden te maken met een groeiend verzuimdossier. Corona heeft het ziekmelden laagdrempeliger gemaakt. We zaten met een flink aantal leerlingen in het multidisciplinaire overleg Jeugd en School (JES) waarbij het verzuim zorgwekkend was. Gecombineerd met een stroeve overlegstructuur binnen het JES waarbij casussen niet door de juiste personen waren opgepakt. Er werd te veel heen en weer gepingpongd. We voelden alsof we van het kastje naar de muur werden gestuurd. Evenmin was er voldoende inzicht in de verzuimdata en dus geen gemeenschappelijk vertrekpunt met de partners in het JES.

Lees ook: No-nonsense aan de slag met het Routeboek Verzuim en Thuiszitters VO.

Wat heeft de pilot opgeleverd?

‘We zijn met alle partijen in het JES om tafel gaan zitten. Er zijn stevige gesprekken gevoerd tussen enerzijds de school en anderzijds de partners in het JES zoals JGZ, SMW en de afdeling Leerlingzaken van de gemeente Den Haag. Dat heeft het nodige teweeggebracht en geleid tot een andere werkwijze binnen het JES. We zijn meer op casusniveau gaan werken en we trekken ons niet continue terug op eigen stellingen. We hebben nu heldere procedures en kijken naar wat echt zorgelijk verzuim is. Dat vergt voortdurend herijken. Er wordt naar elkaar geluisterd. Iedereen krijgt het woord en men durft elkaar aan te spreken. We hebben hard gewerkt om alle data op orde te krijgen en up-to-date te houden. De verzuimcijfers gingen omlaag. Deze aanpak staat in het Routeboek Verzuim en Thuiszitten. Daar werken we nu mee.’

Waar lopen jullie nu nog tegenaan?

‘Ouders spelen een belangrijke rol maar pakken niet altijd hun verantwoordelijkheid. Sommige ouders houden de kinderen de hand boven het hoofd. Maken geen gebruik van Magister of komen niet opdagen bij de gesprekken op school. We zien dat processen stagneren, omdat ouders hun rol niet pakken of het gewoonweg niet begrijpen. Dat heeft natuurlijk z’n oorzaken: sommige ouders kunnen geen support bieden. Andere willen het niet. Ook schaamte over het gedrag van eigen kinderen speelt een rol. Hebben we eindelijk ouders zo ver gekregen dat ze een interventie zoals bijvoorbeeld coaching of opvoedondersteuning aanvaarden, dan wil je ook snel schakelen en helaas is hulp niet altijd beschikbaar. Er zijn wachtlijsten bij instanties van wel 10 weken. Dat is enorm frustrerend.

Daarnaast zien we goede resultaten door de verbeterde samenwerking met Leerlingzaken. We zijn enorm blij met leerplicht die op het Rijswijks Lyceum preventieve gesprekken voert. De lijntjes zijn kort en dat werkt. We zouden graag zien dat dit beleid breder wordt doorgevoerd en dat de leerplichtambtenaren op andere scholen ook deze preventieve gesprekken kunnen voeren. Deze verschillen in beleidsaanpak zijn niet goed te begrijpen voor ons.’

Wat kan je als school doen?

‘Naast het werken volgens het Routeboek zien we zien als belangrijke taak om onze visie op verzuim helder uit te dragen en te delen. Als school moeten we onze ambities uitspreken. We gaan starten met een ‘out-reachende’ oudercoördinator die binnen sociale netwerken van de leerlingen connecties leggen met ouders. Zo willen we awareness onder ouders vergroten. Een deel van de correctie vindt plaats binnen de sociale netwerken van de kinderen. Ouders nemen sneller wat aan van andere ouders die deel uitmaken van hun gemeenschap, dan van school. Onze communicatie richting de ouders moet helder zijn, we moeten aangeven wat zij kunnen doen. We streven ernaar om met elkaar in goed vertrouwen om te gaan. Dat is nog een hele uitdaging gezien de taal- en uiteenlopende culturele achtergronden.’

Nog een tweede tip?

‘Doe wat je zegt wat je doet. Als leerlingen en ouders in de gaten hebben dat we doen wat we zeggen, dan daalt het verzuim. Daarbij kiezen wij voor een persoonlijke aanpak en bellen ouders na. We werken op Het Rijswijks Lyceum met een team van 6 verzuimcoördinatoren, 6 teamleiders en 4 coördinatoren passend onderwijs. Plus 59 mentoren die ook allemaal een rol hebben in het vroeg signaleren en de aanpak van verzuim.

Verzuim is een complex en meerkoppig monster dat je alleen kan aanpakken als je met elkaar dezelfde taal spreekt en als verzuimdata op orde zijn. Het is wat dat betreft een kwestie van een lange adem, heldere procedures en goed leiderschap. We zien dat de verzuimcijfers omlaag gaan. Totdat bijvoorbeeld de verzuimcoördinator uitvalt, dan merk je meteen dat het weer oploopt. Protocollen helpen, maar het blijft mensenwerk.’

Meer weten

Geïnteresseerd in de aanpak van het Routeboek of heb je vragen aan het Rijswijks Lyceum / Van Vredenburch College? Neem contact op met de projectleider van Buitenkans, Mariska Overgaag. Of neem contact op met Astrid Verbeek via vba@vanvredenburchcollege.nl.

De gemeente Den Haag heeft zich gecommitteerd aan de volgende doelstelling: ‘In 2020 mag geen enkel kind of jongere langer dan drie maanden thuiszitten zonder een aanbod van passend onderwijs en/of zorg. Hierbij wordt geteld vanaf het moment dat de leerling feitelijk afwezig is, en niet vanaf de melding bij leerplicht. Binnen de Haagse regio is door alle betrokken professionals een gezamenlijke aanpak ontwikkeld en vormgegeven in het Routeboek. In het Routeboek staan de processen en procedures van de betrokken partners in het multidisciplinaire overleg Jeugd en School (JES) beschreven. Alle scholen in Den Haag, Rijswijk en Leidschendam-Voorburg gaan volgens deze procedure werken.